|
Het was in het begin der vijftiger jaren en ik
zat toen op het Grotius Gymnasium in Delft.
De school was sterk groeiend, er werden nieuwe klaslokalen bijgebouwd en
het leerlingenaantal begon de 100 (nee geen typfout "honderd")
te naderen.
Iedereen had het grootste ontzag voor de Rector.
Op een dag vond ik de les erg saai en wat deed je dan ? "Mijnheer,
mag ik naar de WC". Ik kon niets originelers bedenken.
Het mocht en ik kon dus even ademhalen.
Toen ik uit de klas kwam, bevond ik mij geheel alleen in het halletje
waar anders leraren en leerlingen druk door elkaar liepen.
Heel stil dus.
Er waren verschillende deuren : Die van de Rector, enige klaslokalen
en... het lerarentoilet.
Zo, dacht ik, nu kan ik eens kijken waar de heren en dames hun behoeften
doen. Waarschijnlijk is daar alles van porselein met gouden randjes. En
er zullen zeker geborduurde handdoeken hangen met misschien welriekende
zeep.
Deze gedachten werden mij ingegeven omdat mij juist verklaard was dat de
goden op de Olympus Ambrozijn aten en Nectar dronken.
Nadat ik mijn behoeften gedaan had (erg dringend was het niet), waste ik
mijn handen uitgebreid en voordat ik de WC verliet, zette ik eerst
voorzichtig de deur op een kier en gluurde de hal in, want ik was
natuurlijk op het illegale pad en dat was strafbaar als ik gesnapt zou
worden.
Op dat moment hoorde ik de boze stentorstem van de Rector, die een
gehele klas voor nietsnutten uitmaakte en de arme leerlingen luide
verwijten maakte.
Plotseling zwaaide de deur van de betreffende klas open en Libbe van der
Wal kwam met grote passen en erg opgewonden de klas uit lopen.
Het was doodstil in die klas.
Door de kier keek ik naar het schouwspel, want het was een waar
schouwspel. Wat zag ik ? Niet te geloven! Libbe van der Wal barste in
lachen uit. Hij hield zijn hand voor de mond opdat het niet hoorbaar zou
zijn. Hij had de grootste moeite zichzelf in toom te houden.
Na enige tijd vermande hij zich, plaatste zichzelf in de vereiste
positie om de klas weer in te stormen en probeerde zijn gezicht weer op
boos te zetten. Hij deed dit door met de palm van zijn hand van boven
naar beneden over zijn gezicht te strijken. Meerdere keren mislukte de
poging en barste hij opnieuw in lachen uit.
Toen hij eindelijk zijn gelaatsuitdrukking weer in bedwang had, nam hij
een aanloop en marcheerde met grote snelheid de klas weer in, waar ik
hem luide hoorde dicteren welke straf de nietsnutten verdiend hadden en
toegepast zou worden.
Toen ging de deur van de bestrafte klas met een klap weer dicht en was
het voor mij de hoogste tijd naar mijn eigen klas terug te keren, alwaar
de leraar mij verweet zo lang weg gebleven te zijn.
Dat was Libbe van der Wal, een geboren toneelspeler!
Antoine (Tonny) Timmermans, België |